Chester Burton Atkins werd geboren in een arme familie op 20/06/1924 in Luttrell (Tennessee). Toen hij 6 was begon hij ukelele en fiddlle te spelen en toen hij 9 was ruilde hij met zijn oudere broer een oude revolver voor een versleten gitaar.
Hij leed aan astma en moest al zittend op een stoel slapen, dit was natuurlijk niet evident en zo bracht hij de veelvuldige slapeloze uurtjes door met te oefenen op zijn gitaar.
Tijdens zijn schooljaren oefende hij op de toiletten, omwillevan de unieke klank in deze ruimte. Toen hij zijn eerste elektrische gitaar en versterker kocht, moest hij mijlen ver lopen om te kunnen spelen, want hun huis had geen elektriciteit.
Chet had geen specifiek stijl, totdat hij in 1939 Merle Travis hoorde op de radio en besloot fingerpicking te leren.
Na zijn middelbare school ging hij in 1942  aan de slag als fiddle-player en gitarist bij een lokaal radiostation.
Hij was zeer schuchter en tezamen met zijn complexe speelstijl zorgde dit ervoor dat hij maar een matig succes kende.
In 1946 werd hij aangenomen in de band van Red Foley, nam hij zijn eerste soloplaat op en trad hij voor de eerste keer op in de Grand Ole Opry (country programma dat sinds 1925 wekelijks live werd uitgezonden).
De fingerpickingstyle van Merle Travis was in die periode uitermate succesvol, en alhoewel de meeste managers en producers van mening waren dat Chet’s stijl geen echte country was, mocht hij in 1947 toch enkele platen opnemen bij RCA Victor omwille van zijn speciale stijl .
In 1949 ging hij samenwerken met June Carter (lid van de beroemde Carter family en latere echtgenote van Johnny Cash) en in 1950 traden zij terug op in de Grand Ole Opry en even later werd hij er kind aan huis.
Alhoewel hij nog steeds geen hit had bij RCA, ging zijn succes toch in stijgende lijn; pas in 1955 had hij zijn eerste echte hit met zijn versie van Mr Sandman.
In deze periode werd hij ook gevraagd als design consultant bij Gretsch (dat gedurende jaren de populaire Chet  Atkins hollowbody reeks  uitbracht) en werd hij manager van de RCA studio in Nashville.
Wegens het toenemend succes van de rock muziek (zoals Elvis bij RCA) , besliste Chet om geen fiddles en steel guitar meer te gebruiken, maar het accent te verleggen naar de elektrische  gitaar. Dit werd dan bekend als de Nashville-sound.
Voor zijn platen nam Chet de begeleiding meestal op in de RCA studio’s, maar de solo’s nam hij thuis op in zijn eigen studio. Verder paste hij thuis de studio-opnames aan en verbeterde ze totdat hij tevreden was met het resultaat. In deze periode werd hij dan ook bekend als Mister Guitar.
In de sixties was hij opgeklommen tot vice-president van de RCA Country Division en in die hoedanigheid bracht hij ondermeer Waylon Jennings, Willie Nelson, Bobby Bare, Dolly Parton en Jerry Reed onder bij RCA. Als producer bij RCA produceerde hij platen voor o.a. Perry Como, Elvis Presley, Don Gibson, Jim Reeves, Skeeter Davis, Jerry Reed, Waylon Jennings, ...
Hij was nu immens populair en speelde in het Witte Huis voor alle presidenten van John F. Kennedy tot en met George H. W. Bush.
In 1965 bracht hij zijn misschien wel meest bekende plaat uit: Yakety  Axe.
In 1973 werd er kanker bij hem vastgesteld en werd hij ontslagen van zijn managersfuncties bij RCA, zodat hij kon terugkeren naar zijn eerste grote liefde: de gitaar.
In dezelfde periode was hij niet meer tevreden over de samenwerking met Gretsch (dat in deze periode geen familiebedrijf meer was) en stapte hij over naar Gibson. De productie van de Chet Atkins reeks werd stopgezet, maar gelukkig werd de discussie enkele jaren later bijgelegd en nu maakt Gretsch nog steeds Chet Atkins modellen.
Jazz is altijd een van zijn favorieten genres geweest.
D
e pure country fans verweten hem steeds zijn jazzy-stijl, tevens had hij reeds diverse jamsessions gespeeld met Les Paul en Django Reinhardt was zijn groot voorbeeld.
RCA liet hem geen jazzplaten opnemen, zodat hij dan maar overstapte naar Columbia Records. Later heeft hij daar dan diverse platen opgenomen met Les Paul.
Als gitarist bleef hij actief tot halverwege de negentiger jaren. In 1996 werd er opnieuw kanker bij hem vastgesteld en op 30/06/2001 stierf hij in Nashville.
Hij wou nooit als een country- of een jazzgitarist beschouwd worden, maar noemde zichzelf gewoonweg een gitarist. Alhoewel hij muziek kon lezen, speelde hij zuiver op het gehoor.
Zijn fingerpicking-stijl is fenomenaal (hij gebruikt alle vingers) en hij kan bijvoorbeeld 2 songs tezelfdertijd spelen. Beroemd is zijn lied Yankee Doodle Dixie.  
Hij beperkte zich niet tot country en jazz, maar speelde ook vlot flamenco en klassieke nummers op de elektrische gitaaar.

In de beginjaren

Studiogitarist bij Elvis Presley

Studiogitarist bij The Everly Brothers

In zijn thuisstudio

De slagplaat van een signature Gretsch G6122 Chet Atkins

Op latere leeftijd
| Home | Music | Pictures | Flash | Math for fun | Contact | Sitemap | Disclaimer |
| JWLS © 2016 |